Vrouw uit publiek stelt een vraag

Vraag niet ‘Zijn er nog vragen?’ aan het einde van je presentatie

Ooit Steve Jobs, Barack Obama of Willem Alexander hun presentatie horen eindigen met de vraag “Are there any questions?”, oftewel “Zijn er nog vragen?”. Nee. En daar is een goede reden voor.

Het probleem is dat je “Zijn er nog vragen?” bijna niet neutraal kunt vragen. Al heel snel sluimert er een licht dédain in de vraag (“Wie durft aan het einde van mijn presentatie te bekennen dat ’ie het niet heeft begrepen?”) of spreekt er een bepaalde onzekerheid in door (“Help me alsjeblieft! Geef me iets om te laten zien dat ik wel degelijk weet waar ik het over heb!”).

Door dit er zo in te laten vallen, werp je juist een drempel op om als eerste een vraag te stellen.

Zeker bij een introvert publiek werkt het averechts en blijft het angstvallig stil. Een ongemakkelijk einde van jouw presentatie. (En laat dat nu net een van de dingen zijn die mensen bij blijft…)

Wel vragen beantwoorden!

Toch wil je – afhankelijk van de situatie – vragen die er zijn wel beantwoorden. In zowel webinars, sales- en tender-presentaties is het heel gebruikelijk om achteraf een Q&A sessie te hebben.

Misschien is er onverhoopt een misverstand ontstaan en wanneer je die niet wegneemt, mist je presentatie zijn doel.

Sterker nog; de interactie van een goede vraag en antwoord zal de boodschap van de presentatie versterken.

(Een ervaren spreker kan zelfs tijdens de presentatie hierop inspelen door strategisch vragen te ‘prikkelen’ en vooralsnog onbeantwoord te laten).

Kortom; er is niks mis mee om aan er het eind van de presentatie ruimte voor te geven.

Net als na grote presentaties van Steve Jobs en persconferenties van Barrack Obama. Maar geloof me, zij vragen nooit: “Zijn er nog vragen?”. Een Q&A-sessie is een duidelijk en apart onderdeel van hun presentatie.

Betere alternatieven

“Zijn er dingen die ik kan verduidelijken?”

“Zijn er nog vragen?” is vrij onpersoonlijk. Het werpt zelfs een lichte drempel op om vragen te stellen. Want als je als toehoorder een vraag hebt, dan heb jij het blijkbaar niet goed berepen.

Beter is het daarom om als spreker te vragen “Zijn er dingen die ik kan verduidelijken?”, waarmee je de ‘schuld’ van eventuele onduidelijkheid in ieder geval bij jezelf houdt.

“Heeft iemand ideeën?”

Om het over een iets andere (en misschien ook wat constructievere) boeg te gooien, kun je ook afsluiten door vragen of iemand misschien ideeën heeft.

Een charmante manier om dialoog te openen, waarbij de focus vooruit ligt, in plaats van in herhaling.

Stapje voor stapje en zelf de eerste vraag stellen

Omdat het nog altijd wat eng kan zijn om (als eerste) een vraag te stellen, kun je je publiek ook stapsgewijs betrekken in interactie.

Bijvoorbeeld door een plenaire vraag te stellen in een vorm zoals : “Is er iemand die zelf wel eens […]”, terwijl je zelf je hand opsteekt. Zo laat je mensen merken dat hun deelname op prijs gesteld wordt.

Vance Crow legt uit dat je op die manier introverte mensen laat zien wat een gewenste manier van participatie is. Vaak is hun zwijgen een vorm van beleefdheid, niet van desinteresse.

Wanneer je vervolgens afrondt en overgaat naar het beantwoorden van vragen, kun je de Q&A openen met:

“Ik wil zo voor ik afrond met een aantal laatste praktische adviezen ruimte geven voor het stellen van vragen. Ik hoop altijd dat iemand mij vraagt hoe […]. Ik zou die kunnen beantwoorden, maar als jullie een andere vraag hebben, dan kan ik daar mee beginnen.”

PS Laat de kritische nooit niet het laatste zijn

Overigens wil je nooit je presentatie eindigen met de vragensessie.

Je hebt immers beperkt controle over de vragensessie. En met een beetje pech zijn de laatste vragen cynisch en kritisch. Je wilt niet dat dat het laatste is wat jouw publiek meeneemt van jouw presentatie!

Sluit daarom na de vragen en antwoorden altijd duidelijk af met jouw eigen samenvatting en conclusie. Zo breng je de presentatie tot een duidelijk einde.